Wat doet een verpleegkundig specialist precies?
Eva: “Dat is een vraag die ik ook vaak van patiënten krijg: “Ben je nou verpleegkundige of arts?” Wat ik dan meestal zeg, is dat ik hun vaste contactpersoon ben gedurende het hele behandeltraject. Ik werk binnen de chirurgie en zie patiënten echt vanaf het moment van diagnose tot en met de follow-up. Ik doe bijna alles wat een arts ook doet, behalve opereren en het beoordelen van radiologische beeldvorming. Daarnaast heb ik een coördinerende rol: ik ben als het ware de spin in het web.”
Mirte: “Wij zijn een zelfstandige beroepsgroep. Dat betekent dat we binnen ons eigen expertisegebied zelfstandig mogen diagnosticeren en behandelen. In mijn geval is dat de interne geneeskunde. De arts stelt het behandelplan op, maar alles daarna, zoals de uitvoering, het begeleiden van bijwerkingen en het vervolgen van de behandeling, doe ik zelfstandig. Het mooie van ons vak vind ik dat we medische kennis combineren met onze verpleegkundige achtergrond. Daardoor is er vaak extra aandacht voor de psychosociale kant van zorg. Wij vormen echt een brug tussen artsen en verpleegkundigen.”
Kunnen jullie een situatie beschrijven waarin jullie rol echt het verschil maakte voor een patiënt?
Eva: “Wat ik eens terug kreeg van een patiënt, is dat de uitslag “zachter landde” toen ze die van mij te horen kreeg. Dat had haar enorm geholpen. Ik denk dat wij als verpleegkundig specialist misschien net iets meer oog hebben voor psychosociale signalen en weten wanneer iemand extra tijd of aandacht nodig heeft.”
Mirte: “Dat herken ik. Patiënten geven vaak aan dat ze hun zorgen makkelijker met mij delen. Bij de arts gaat het gesprek vaker over de ziekte en de behandeling, terwijl er bij ons ook ruimte is voor emoties, zorgen over werk, gezin en het dagelijks leven. Die continuïteit en laagdrempeligheid maken echt verschil.”
Wat vinden jullie het mooiste aan het vak verpleegkundig specialist?
Mirte: “De langdurige relatie met patiënten. Ik heb patiënten die ik al vijf jaar ken. Je maakt belangrijke momenten in hun leven mee en bouwt echt een band op. Dat vind ik heel waardevol.”
Eva: “Voor mij is het gevoel dat je echt iets hebt kunnen betekenen op een dag. Soms heb je gewoon een klik met een patiënt en kun je iemand echt door een moeilijke periode heen begeleiden. Die continuïteit helpt ook om angst te verminderen.”
Waarom hebben jullie gekozen om in het AVL te werken?
Eva: “Voor mij is dat persoonlijk. Een familielid is hier behandeld toen ik acht was en dat voelde toen al als een veilig ziekenhuis en een fijne plek. Ik wist toen al: hier wil ik ooit werken.”
Mirte: “Toen ik de opleiding tot verpleegkundig specialist wilde doen, wist ik dat ik me wilde specialiseren binnen de oncologie. Dan wil je dat ook doen op een plek waar de expertise groot is. Ik hou zelf van een ziekenhuis met korte lijnen en veel betrokkenheid. Hier kun je iedereen bellen en wordt er altijd meegedacht. Het is gewoon een heel mooi beroep om hier uit te oefenen.”
Eva: “Daarnaast is hier veel ruimte voor verpleegkundig specialisten. In bijna elk specialisme zijn we vertegenwoordigd en er wordt echt naar ons geluisterd. Ook is de opleiding echt goed. Er is veel aandacht voor ontwikkeling en begeleiding.”